Romeins brood

De Romeinen kenden in het begin nog geen gist, dus hun brood was eerder te vergelijken met Indiase ‘chapatti’. Ze rolden het dun uit en bakten het snel in een hete oven of op een hete steen. Niet moeilijk en lekker als tussendoortje of bij een aperitiefhapje!

Wat heb je nodig?
300 g witte bloem
200 g fijn griesmeel
zout
300 ml lauw water

Hoe maak je het?
Verwarm de oven voor op 220°. Meng bloem, griesmeel en zout in een grote kom. Voeg langzaam het water toe en roer met een houten lepel tot je een zacht deeg krijgt. Bestrooi je werkblad met bloem en kneed hierop het deeg tot een stevige bal. Verdeel die dan vervolgens in 12 kleinere balletjes. Doe bloem op je werkblad en rol elk balletje met een deegroller zo dun mogelijk uit tot ongeveer 20 cm doorsnede. Deze broodjes mogen onregelmatig van vorm zijn. Leg ze gewoon op de bakplaat en zet in de oven. Bak ze 3 à 4 minuten tot de bovenkant van het brood een lichtbruine korst heeft. Draai het brood voorzichtig om en bak de andere kant ook lichtbruin. Direct serveren!

food blog fotos dag 4 KIDS-4937

Wist je dat?
Vlakbij het Romeinse legerkamp in Oudenburg vonden archeologen onderaan in een waterput een vlechtwerkmand. Deze mand was misschien een Romeinse ‘wan’, dat is een soort korf waarmee men het kaf van het koren kon scheiden. Weet je hoe dat ging? Rond een graankorrel zitten schutblaadjes of kafjes. Die moet je weghalen voordat je het graan verder kan malen om er bloem van te maken. Je gooit de graankorrels in de wan omhoog; door de wind worden het kaf en het lichtere afval weggeblazen; de zwaardere graankorrels vallen terug en blijven over. Erg primitief en het duurt ont-zet-tend lang. Gelukkig kunnen wij gewoon ’s morgens naar de bakker!

romeinse wan oudenburg
De Romeinse wan van Oudenburg, © H. Denis, OE

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.